nieuwe taal leren

Droom je weg bij het horen van een vleug Italiaans? Wil je tijdens je volgende vakantie je tapas in foutloos Spaans bestellen? Of de weg kunnen vragen in het Portugees, Noors, Zweeds… Misschien is dit wel hét moment om in een taalbad te duiken. Met volgende tips krijg je een nieuwe taal snel onder de knie!

Tip 1: Durf spreken

Dé succesfactor om snel een nieuwe taal te leren is dúrven. Je moet durven spreken en durven fouten maken. Ook niet onbelangrijk is de motivatie. Hoe gemotiveerder je eraan begint, hoe beter het zal gaan. Als je er een erezaak van maakt om elke dag te oefenen, zal je veel sneller vooruitgang zien.

Tip 2: Homeschooling

Zijn klassikale lessen niets voor jou? Schrijf je dan in voor een online taalcursus of download een apps zoals Duolingo. In deze app kan je jezelf een dagelijks doel stellen. Door ‘gamification’ word je gemotiveerd om elke dag te oefenen. Duolingo leert je nieuwe woordenschat, geeft je spelenderwijs een basiskennis van de grammatica en je kan ook oefenen op uitspraak.

Tip 3: Taalbad bij je thuis

Je hoeft niet per se op reis te gaan om een taalbad te nemen. Maak een Spotify-afspeellijst met liedjes in de taal die je wil leren en draai de lijst grijs. Of zoek op Netflix series in je favoriete taal. Ook al versta je er nog niet veel van, luisteren naar een taal helpt je met de uitspraak en de kadans. En onbewust pik je nieuwe woorden op!

Tip 4: Gebruik social media

Licht verslaafd aan je smartphone en sociale media? Volg op Facebook of Instagram een paar accounts in de taal die je wil leren. Schrijven ze een woordje dat je niet kent, dan kan je op ‘Vertaling’ klikken. Een goede manier om je woordenschat uit te breiden!

Tip 5: Leer de meestgebruikte woorden

Wist je dat als je de 800 meestgebruikte Engelse woordjes kent, je 75% van de gesprekken in het Engels kan volgen? Focus je bij het leren van een nieuwe taal dus op de meest courante woorden. Apps als Duolingo zijn hier al grotendeels rond opgebouwd. Er bestaan zogenaamde frequentiewoordenboeken die de woorden oplijsten in volgorde van gebruik. Ook online zijn dergelijke lijsten te vinden.

Tip 6: De truc met de post-its

Deze tip is er eentje voor de diehards: hang op elk voorwerp in je huis een post-it met het woord in de andere taal. Kies post-its met een verschillende kleur voor de geslachten/lidwoorden (bv. blauw voor ‘un’ en roze voor ‘une’), zodat je visueel leert. Wedden dat je na een maandje alle voorwerpen in huis in de nieuw geleerde taal kunt benoemen?

Tip 7: Maak praatjes in je nieuwe taal

Ook vanuit ‘ons kot’ ligt de wereld aan onze voeten. Zet een videogesprek op met die vriendin uit Spanje of je neef in Scandinavië en zet het geleerde om in de praktijk. Onthoud, fouten maken is niet erg! Alleen door te durven spreken kan je een nieuwe taal echt leren. En vind je bellen nog even wat eng, dan kun je voorzichtig pootjebaden door te chatten. Overigens, ook tegen of in jezelf praten helpt!