fiets© Wim Kempenaers

Elke fietser heeft er vroeg of laat mee te maken: een lekke band. Toch is met deze tips lek rijden best goed te voorkomen. Onze tips.

Let op voor slangenbeten

Fietsbanden die te slap zijn opgepompt, slijten sneller en gaan vaker lek. Dat komt niet alleen omdat een slappe fietsband gemakkelijker scherpe steentjes of glasscherven verzamelt. Als je met slappe banden in een put of over een bult fietst, dan kan de binnenband tussen de ondergrond en je velg geplet worden, wat twee gaatjes in je binnenband oplevert. Wielrenners noemen dit een snakebite, omdat het lijkt alsof er een slang in je band heeft gebeten. Zo’n slangenbeet kun je voorkomen door regelmatig je bandendruk te controleren. Een snelle test: probeer de zijkanten van de buitenband naar elkaar toe te knijpen. Als dat te gemakkelijk gaat, dan staat je band waarschijnlijk te slap. Je kunt het natuurlijk ook heel precies controleren met een voetpomp met drukmeter. Hoeveel druk er in je fietsbanden moet, lees je op de zijkant van de fietsband.

Inspecteer je banden op (scherpe) verstekelingen

Af en toe zullen er toch steentjes of stukjes glas in je buitenband blijven steken. Meestal levert dat niet meteen een lekke band op. De ongewenste passagiers verdwijnen na verloop van tijd wel steeds dieper in het rubber van je buitenband, tot ze je binnenband alsnog lek prikken. Inspecteer daarom regelmatig je buitenbanden. Zit er een scherf in? Peuter die er dan uit. Dat gaat gemakkelijker als je de band een beetje lost. Zorg dan wel dat je een pomp bij hebt om de verloren lucht terug te pompen.

Regen? Extra opletten!

Je hebt het misschien al ervaren: net wanneer het regent, rijd je lek. Dat is geen toeval. Wanneer het regent, zijn je banden nat en aan natte banden blijven steentjes en glas sneller kleven. Op regendagen kun je dus in principe het best na elke rit je banden controleren. Kleven je banden vol vuil? Spoel ze dan bij thuiskomst eens af.
Tip: Lees hier hoe je veilig door de regen fietst.

Fiets met antilekbanden

De meeste producenten van fietsbanden hebben speciale (of ook: duurdere) types die ze het label ‘anti-lek’ geven. Die banden hebben een extra laagje rubber dat bestand is tegen glasscherven, steentjes en naalden. Vraag ernaar!

Vervang tijdig versleten buitenbanden

Ook de beste buitenbanden verslijten uiteindelijk, waardoor ze minder lekbestendig worden. Zie je barsten aan de zijkant? Of is het profiel aan de bovenkant aan het verdwijnen? Dan is het waarschijnlijk tijd voor een nieuwe buitenband. Sommige fietsbanden hebben twee kleine gaatjes die je helpen om te bepalen of de band versleten is. Als de gaatjes bijna verdwenen zijn, dan is de band aan vervanging toe.

Niet reageren, maar vingers kruisen als je over glas fietst

Glasscherven op het fietspad zijn een belangrijke oorzaak van lekke banden. Uiteraard fiets je het best om glasscherven heen, maar vaak zie je de scherpe dingen pas op het allerlaatste moment liggen. Wat je dan zeker niet mag doen, is krampachtig je stuur van de scherven wegdraaien. Als er op dat moment een stuk glas onder je band zit, dan draai je het door je stuurbeweging in je binnenband en… pffssstt! Eigenlijk fiets je beter gewoon rechtdoor over glasscherven die je niet op tijd zag liggen. Als je banden goed zijn opgepompt, dan zal het glas er niet meteen door prikken. Je stopt het best wel meteen om je buitenbanden te controleren op scherven.

Als je toch een lekke band hebt: plakken of vervangen?

Als je tijdverlies of rode kaken wil vermijden – te voet verder of iemand moeten bellen om je te komen halen – ben je maar beter op een lekke band voorbereid. Stop in je fietstas een reserve binnenband, een kleine handpomp, bandenlichters en eventueel een bandenreparatieset. Met die laatste kun je ter plaatse je binnenband herstellen, vaak zonder dat het wiel uit de vork moet. Heb je weinig geduld, dan is de binnenband vervangen een snellere en meer betrouwbare redding. De lekke binnenband kun je nog altijd thuis plakken om later te hergebruiken. Voor wie echt snel weer in het zadel wil zitten, bestaat er ook een reserve binnenband die in twee is geknipt en dus twee uiteinden heeft. Daardoor kun je de worstvormige binnenband in je buitenband schuiven zonder dat je het wiel moet losmaken. Deze binnenband is minder sterk dan een gewone binnenband, en daarom vooral een ‘thuiskomer’. Thuis vervang je de band het best door een nieuwe binnenband.

Lees ook

Zo fiets je veilig door het donker

Wanneer mogen fietsers wel en niet op de rijbaan fietsen?

Zo vervoer je een elektrische fiets met de auto

Door jullie gekozen: de mooiste fietsroutes van het land!