Oostende© Karl Bruninx

Oostende, you love it or you hate it. Er lijken alleen maar fans of tegenstanders te bestaan. In de Koningin der Badsteden laveer je tussen de eeuwenoude visserscultuur en de favoriete plekken van het hippe volk.

1. Op naar de Oosteroever

Wie Oostende wil doorgronden, start op de Oosteroever. Een extra stadsdeel dat voor je ogen lijkt te verrijzen en in geen tijd tot the place to be uitgroeide. Vele jaren lang zag je hier alleen vissers aanmeren met hun volgeladen schuiten. Een ruwe, no-nonsense plek met krakkemikkige loodsen en een heerlijk eenzaam strand. Vlak bij de drukbevolkte stad en toch mijlenver. Ondertussen hebben projectontwikkelaars het potentieel van deze plek ontdekt en hoewel de Oosteroever vandaag meer blinkt dan voorheen, werd aan zijn ziel niet geraakt.

Zorgeloos zomeren in eigen land? Dat kan, want ook bij je binnenlands uitje naar Oostende vertrek je best niet zonder VAB-Pechbijstand. Onze wegenwachters staan dag en nacht voor je klaar, of je nu een lekke band of motorpanne hebt.

2. Shoppen op de Oosteroever

Bij die nieuwe naam en faam van de Oosteroever horen ook fijne shopadressen. DOK bijvoorbeeld, de betere interieurshop, gevuld met spullen die je stuk voor stuk wilt. Van de schapenvelcollages van Carine Boxy over de immense plantenpotten van Atelier Vierkant tot de wondermooie snijplanken van Muller Van Severen. Wat verder wacht Kabine. Gevuld met spullen voor zowel baby’s als overwerkte moeders en relaxte vrijgezellen. De betere conceptstore dus, mét koffiebar.

 

3. De Vistrap

Het kloppende hart van Oostende en een festijn voor gastronomen die houden van levend verse Noordzeevis en grijze garnalen. Elke avond kussen de vissers hun vrouwen vaarwel om het wijde sop te kiezen en de hele nacht te varen tot ze voor dag en dauw hun verse vangst lossen. De garnalen werden intussen aan boord in zeewater gekookt. Alleen wie zijn vangst binnen het etmaal lost, mag aan de Vistrap aanmeren. De vissersvrouwen fileren en brengen de vis aan de man.

 

4. Oostende is Ensor

James Ensor woonde, leefde en werkte in Oostende. Sterker nog, hij spendeerde zowat zijn hele leven in één straat: de Vlaanderenstraat. Vanaf 1917 tot aan zijn dood in 1949 betrok hij nummer 27. Het pand werd in zijn originele staat bewaard en samen met het aanpalende hoekgebouw  omgetoverd tot het gloednieuwe James Ensorhuis. Een heldere plek die het werk en leven van de meester op een eigentijdse manier belicht. Originele werken tref je hier niet aan, maar mogen rondwaren in het huis waar de kunstenaar jarenlang zelf ronddoolde, blijft bijzonder.

 

5. Streetart in Oostende

The Crystal Ship, het straatkunstenfestival dat op tijd en stond Oostende inpalmt, heeft er ondertussen al vijf edities opzitten. Dat leidde tot meer dan vijftig gigantische muurschilderijen, verspreid over de hele stad. Van kleine interventies tot appartementshoge werken waar je uren naar kunt turen. De manier om Oostende te doorkruisen en te ontdekken.

 

6. De leukste winkels

Voor Life’s Little Luxuries moet je bij Lily zijn. Van mooie outfits over de nieuwste Veja-sneakers tot fluweelzachte Fest-fauteuils. In Echt spot je veel Belgische mode, maar ook Belgische wijn en beautyproducten. Wie cadeautjes voor klein grut zoekt, haalt opgelucht adem in Lolotte, dat bewijst dat kindvriendelijk niet per se schreeuwerig hoeft te zijn. Ferm is dan weer een dames- en een herenadres, allebei gespecialiseerd in Scandinavische mode. Hier ontwerp je ook je eigen sweater. In de vintage tempel White Interiors twijfel je tussen een pièce unique van Jean Prouvé of een vederlichte lamp van Jos Devriendt. Het walhalla voor de meerwaardezoeker.

 

Lees ook

Coronaproof naar de kust: dit zijn de rustigste stranden

Vorig artikelWat zijn de trends bij elektrische fietsen?
Volgend artikelGetest: de nieuwe Hyundai i20