mistlichten© Shutterstock

In het kader van het winteruur controleerde het VAB-Diagnosecentrum 350 lampen en lichten van auto’s. Het stelde daarbij vast dat 10,6 procent van de gecontroleerde autolichten niet werkt of slecht afgesteld is.

Elk jaar na de omschakeling van het zomeruur naar het winteruur stijgt het aantal letselongevallen in de avondspits. Omdat de avondspits zich vanaf dan deels in het duister afspeelt, is het cruciaal dat de verlichting van je wagen goed functioneert en je ook tijdig de verlichting inschakelt. Het is immers belangrijk niet enkel goed te zien, maar ook tijdig gezien te worden. VAB controleerde in haar Diagnosecentrum ruim 350 autolichten.

Slecht afgestelde autolichten grootste probleem

Het meest voorkomende probleem is slecht afgestelde lichten. Nochtans zijn goed werkende en juist afgestelde autolichten cruciaal als je in het donker rijdt.

  • Als de lichten te hoog zijn afgesteld, is het zicht op de weg niet optimaal. Bovendien stoor je hiermee tegenliggers.
  • Te laag afgestelde autolichten zorgen er dan weer voor dat het gezichtsveld te kort is en je obstakels op de weg moeilijk en/of te laat ziet.
  • Ook bij fietsen is dit een probleem dat te vaak voorkomt. Uit onze enquête rond ergernissen in het verkeer leert VAB dat heel wat Vlamingen zich ergeren aan het te krachtige, slecht afgestelde voorlicht van e-bikes of speedpedelecs. Nochtans kan je makkelijk checken of jouw fietslicht juist is afgesteld: als je vanop enkele meters afstand jouw licht op een muur laat schijnen, mag de bovenkant van de lichtbundel niet boven de hoogte van het fietslicht uitkomen.

Top 5 meest voorkomende problemen met autoverlichting:

1. Slecht afgestelde autolichten

2. Nummerplaatverlichting

3. Mistlichten vooraan

4. Zijpinkers (pinkers op de spatborden vooraan of in de spiegels)

5. Linkerpinker

Tips van de VAB-wegenwachters

1. Controleer zélf of alle autolichten werken

Bij het VAB-Diagnosecentrum merkten we dat heel wat voertuigen rondrijden met één of meerdere defecte lichten, zónder dat de bestuurder dit wist. Zet daarom jouw autolichten aan en wandel eens rond je wagen. Of rij een drietal meter van een muur, poort of raam en zet de lichten aan om te checken of ze werken. Keer je wagen en controleer via de achteruitkijkspiegel de achter- én remlichten.

2. Check of de autolichten gelijk afgesteld staan

Wil je weten of je lichten gelijk afgesteld staan, parkeer je dan op een vlakke ondergrond, haal alle zware spullen uit je wagen en controleer of de bandenspanning correct is. Als je dan een horizontale lijn op een muur of de poort volgt, kan je zien of beide lichtstralen op dezelfde hoogte komen. Als je wil weten of jouw lichten ook effectief juist afgesteld staan, laat je dit het best controleren door een specialist.

3. Zet (manueel!) je dimlichten aan

De klok een uur terugdraaien betekent dat het vroeger begint te schemeren. Het is dan nog te licht voor dimlichten, maar al te donker voor dagrijlichten. Veel recente auto’s zijn uitgerust met automatische verlichting, waarbij een lichtsensor automatisch de dimlichten zal ontsteken als het te donker wordt. In sommige gevallen, zoals bij regen of mist (slechte zichtbaarheid maar nog helder), zullen de dimlichten echter niet automatisch aangaan. Met als gevolg dat je niet goed zichtbaar bent voor achterliggend verkeer. Controleer daarom steeds manueel of je dimlichten bij deze omstandigheden aanstaan. Bij heel wat modellen springen de achterste dagrijlichten trouwens níet automatisch mee aan. Dit is ook niet verplicht.

Opgelet met achtermistlicht!

VAB wil adviseren om bewust om te gaan met het gebruik van het achtermistlicht. Te veel chauffeurs hebben de neiging om het achtermistlicht te snel aan te steken en verblinden op die manier achterliggers. Bovendien is het soms moeilijk om het onderscheid te maken tussen mist- en stoplichten, met alle gevaarlijke gevolgen van dien. Een achtermistlicht moet je volgens de wet verplicht gebruiken van zodra de zichtbaarheid door mist, sneeuwval of hevige regen beperkt is tot minder dan 100 meter. In dit artikel lees je meer over het correcte gebruik van mistlichten.

Vorig artikel100 jaar VAB | Deel 1: Het ontstaan
Volgend artikelWanneer moet je je mistlichten gebruiken?